Test
Verkozen tot lid presidium

Gisteren ben ik op het PvdA congres verkozen tot lid van het presidium. Een hele eer, en belangrijke verantwoordelijkheid binnen de vereniging die de Partij van de Arbeid is. Daarop heb ik veel felicitaties gekregen, maar ook vele vragen van buiten die vroegen wat het eigenlijk inhoudt…

Landelijke vergaderingen en bijeenkomsten van de PvdA worden altijd geleid en begeleid door onafhankelijke voorzitters (en gespreksleiders). Dan gaat het om de verenigingsraad, de politieke ledenraad en het congres. In totaal telt de PvdA 9 van deze voorzitters, waarvan ik er dus nu 1 ben.

Zoals we allemaal weten is er veel aan het veranderen in de politiek, en dus ook in politieke partijen. Opener, transparanter en dynamischer. Ook de PvdA gaat de komende jaren verder met het sterker maken van de gewone leden binnen de partij: om mee te kunnen praten en mee te beslissen. Om een politieke partij te worden die midden in de 21e eeuw staat.

Ik ben trots dat ik daar vanuit mijn nieuwe rol mijn bijdrage aan mag leveren.

Afscheid van de Enschedese gemeenteraad

Maandag 10 maart was voor mij de laatste raadsvergadering. Waar het voor anderen nog spannend is of ze terug mogen komen, is het voor mij al duidelijk dat op 19 maart mijn raadslidmaatschap afloopt. Acht jaar geleden mocht ik plaatsnemen in de fractie die op dat moment historisch gegroeid was van 10 naar 15 zetels. Een leerzame periode, waarin ik als nieuweling veel heb mogen leren van ervaren raadsleden als Thomas Windmulder.

Als woordvoerder Welzijn heb ik de ontwikkelingen van het welzijnswerk in Enschede mogen beschouwen en bijsturen. Niet alleen door in de raadszaal te debatteren, maar juist ook door veel gesprekken te voeren met belangenorganisaties en buurtbewoners. Veel plezier heb ik gehad in de stadsdeelcommissie Zuid, waar ik actuele thema’s op de politieke agenda heb kunnen zetten en soms ook heb kunnen oplossen. Van hondenpoep en het onderhoud van het openbaar groen, tot jeugdoverlast en het behoud van de stortkokers in de flats aan het Leunenberg. De afgelopen periode ben ik, iets meer op de achtergrond, druk geweest met onder andere de Regio Twente, de AWBZ transitie en het vastgoedbeleid.

Al deze jaren ben ik betrokken gebleven bij de PvdA in de provincie en landelijk. Dat heeft mij gesterkt in mijn overtuiging dat de PvdA qua inhoud en beginselen niet alleen het dichtst bij mij staat, maar ook het beste voor Enschede blijkt. Door sociaal beleid te combineren met de fysieke ontwikkeling van stad en regio. En door niet alleen lokaal actief te zijn in wijk en buurt, maar ook de connectie naar de provinciale, landelijke en Europese politiek te kunnen leggen. Ik wil daarom zeker actief blijven voor de PvdA.

Voor nu wil ik alle ambtenaren bedanken die mij altijd uitstekend hebben geholpen. Hun werk wordt af en toe naar mijn overtuiging onterecht ondergewaardeerd. Ik ben mijn partijgenoten dankbaar voor de vruchtbare samenwerking binnen fractie en bestuur. En bovenal dank ik de honderden betrokken buurtbewoners en vrijwilligers met wie ik de afgelopen 8 jaar samen heb mogen werken om de stad en de wijken een stukje mooier te maken.

Ik heb veel vertrouwen in de kandidaten op onze lijst en wens de nieuwe fractie veel succes en plezier in de volgende raadsperiode – met ook dan een sterk en sociaal gezicht van de PvdA.

Cliënten thuiszorg niet gebaat bij wilde uitspraken, wel bij fatsoenlijk uitvoering.

Op dinsdag 2 juli was in de uitzending van Nieuwsuur een reportage te zien over de toekomst van de thuiszorg, gezien vanuit het perspectief van de gemeente Deventer. Zorgwethouder Margriet de Jager van de lokale partij Algemeen Deventer Belang wist in deze uitzending te vertellen dat wat haar betreft vrijwilligers en werklozen ingezet gaan worden in de persoonlijke verzorging en verpleging. Daarbij schroomde ze er niet voor om het wassen van ouderen, aanbrengen van protheses en zelfs het aanbrengen van een blaaskatheter in Deventer door werklozen uit te laten voeren. Voor de duidelijkheid: katheteriseren is een verpleegkundige handeling waarvoor men een verpleegkundige opleiding gevolgd moet hebben. De visie om dit uit te laten voeren door vrijwilligers is niet alleen dom, maar zelfs in strijd met de wet. Maar ook een groot deel van de persoonlijke verzorging, zeker de zorg aan het lijf van mensen, moet gewoon door goed opgeleide en gediplomeerde verzorgenden worden uitgevoerd. Kortom, een serie domme uitspraken van deze zorgwethouder die voor veel onzekerheid heeft gezorgd binnen en buiten Deventer. Dat zij achteraf haar uitspraken nuanceerde en zei dat ze het verkeerd had gezegd, doet niets af aan het beeld dat ze heeft geschapen.

Overigens waren niet alleen de uitspraken van de wethouder tenenkrommend, ook het gefilmde gesprek van een WMO consultent met een oudere inwoonster (en haar dochter) was ergerlijk. Er werden alleen maar moeilijke woorden gebruikt, gesproken werd over een cultuuromslag, en in plaats van een gesprek leek het vooral een commercial om de aanstaande bezuinigingen recht te praten. Zeg dan gewoon waar het op staat.

We kunnen niet in de toekomst kijken. De huidige plannen, in het bijzonder voor de huishoudelijke hulp, zijn onheilspellend. Laten we dan niet zoete broodjes gaan verkopen en er omheen gaan draaien. Of zeggen dat de bezuinigingen op de zorg enkel en alleen aan dit kabinet liggen. Het fors stijgend aantal zorgbehoevenden, met name ouderen, en de daarbij stijgende uitgaven voor de zorg vragen om actie. Het principe van bezuinigingen op de zorg is dan ook niet alleen een idee van de huidige coalitiepartijen, maar van nagenoeg alle partijen in de Tweede Kamer.

Als de gemeente fors minder geld krijgt van het rijk voor de zorg, kan de gemeente ook minder geld uitgeven. Natuurlijk kan een gemeente slimme combinaties (laten) maken en kritisch kijken naar de inzet vrijwilligers, of nog meer bezuinigen op fysieke projecten en investeringen, maar uiteindelijk betekent het linksom of rechtsom een beperking van het huidige aanbod aan zorg. Met die omstandigheden, hoe vervelend en onrechtvaardig soms ook, hebben wij te doen. Aan de gemeente is het de taak om na de zomer de kaders vast te stellen voor de wijze waarop we de zorg en ondersteuning de komende jaren willen organiseren. Ook de PvdA Enschede zal hier na de zomer veel aandacht aan besteden, mede in het licht van ons verkiezingsprogramma. Uitgangspunt is wat mij betreft, dat de zorg op een fatsoenlijke en betrokken manier uitgevoerd zal blijven worden. De (politieke) aandacht zal daarbij niet in de eerste plaats gericht zijn op de organisaties, maar op de vele mensen in Enschede die van zorg en ondersteuning afhankelijk zijn.

Resultaten project Van Opvang naar Wonen onder de maat

Maandag 8 april stond in de vergadering van de Stedelijke raadscommissie de evaluatie van het project Van Opvang naar Wonen op de agenda. Dit project is door de gemeente in 2009 gestart om knelpunten in de opvang van en zorg voor dak- en thuislozen in Enschede op te lossen. Het ontbrak toen aan voldoende geschikte (geclusterde) woonruimte voor deze doelgroep. Overigens was het niet alleen de gemeente zelf, maar ook woningcorporatie Domijn die voor deze opgave flink haar (financiële) nek heeft uitgestoken. Die ambitie van de woningcorporatie verdient waardering.

Ondanks de ambities en goede intenties zijn de conclusies van de evaluatie helaas glashard. De doelstellingen zijn namelijk niet gehaald. Er is besloten tot realisatie van twee locaties in Enschede Zuid, aan de Vlierstraat en aan de Zenderenbink. Alle andere locaties, in andere stadsdelen, zijn (nog) niet gepland, laat staan gerealiseerd.

Als PvdA fractie kunnen we dan ook niet anders dan ontevreden zijn over de uitkomsten van de evaluatie. Als blijkt dat uiteindelijk slechts twee locaties (vooralsnog) gerealiseerd zijn, en dan ook nog eens in één wijk van Enschede, dan is dat ver onder de maat. Zeker omdat de woningcorporatie – vanuit haar doelstellingen en toen nog met voldoende financiële middelen – wel degelijk haar nek wilde uitsteken. Geld dat bovendien nu op is.

De behoefte aan regie op wonen voor deze kwetsbare doelgroepen neemt inmiddels alleen maar toe. Maatschappelijke opvangplekken stromen vol. Riskanter is nog dat huisjesmelkers slecht verhuurbare huizen in woonwijken voor deze mensen beschikbaar stellen, zonder enige vorm van controle of toezicht.

Zelfs in het debat in de raadscommissie bleek dat maatschappelijke opvangvoorzieningen en woonlocaties willekeurig door elkaar worden gebruikt. Er is toch echt een verschil tussen een maatschappelijke opvangvoorziening midden in het centrum of een geclusterde woonvoorziening voor oudere ex-alcoholisten op een rustige plek aan de rand van een woonwijk. In de publieke opinie wordt die spraakverwarring alleen maar groter, ook in de communicatie naar de bewoners toe.

Ik heb daarom het college dringend verzocht tot één samenvattende en door de gemeenteraad vast te stellen nota te komen, waarin geleerd wordt van de fouten en toekomstige discussie voorkomen kan worden. Wethouder Ed Wallinga kon dit verzoek gelukkig positief beantwoorden en beloofde met een raadsvoorstel te komen. Hopelijk kan daarmee de doelstelling om van opvang tot wonen te komen in de toekomst wel gerealiseerd worden.

Belangen ondernemers voerden boventoon in debat beeldkwaliteit Oude Markt

Vorige week schreef ik in de Nieuwsbrief over de beeldkwaliteit van de Oude Markt en wat ik daarover in de stadsdeelcommissie Centrum op dinsdag 5 maart zou bepleiten. Helaas had de voorzitter van de commissie besloten dat we het alleen mochten hebben over de kleurstelling van de luifels en het wel of niet open karakter van de winterterrassen. Bij de daadwerkelijke bespreking van het beeldkwaliteitsplan kunnen we dan andere zaken aandragen. Dat vond ik jammer, omdat ik daardoor mijn punten over de groeiende leegstand en de gevolgen daarvan voor de uitstraling (nu) niet kon inbrengen.

Voorafgaand aan de vergadering was er een informele ontmoeting met de ondernemers. Zij spraken uit niets te voelen voor enige uniformering van kleuren. Dat is ondernemersvrijheid en waarom zou de gemeente zich daarmee moeten bemoeien? Mijn pleidooi was niet een strakke richtlijn waar iedereen zich aan moet houden, maar wel enige vorm van uniformiteit. Niet van bovenaf opgelegd, maar door de binnenstadondernemers zelf. Degenen die er een potje van maken, zouden er op aangesproken kunnen worden. Conclusie van de commissie was echter dat je de ondernemers alle ruimte moet geven en op geen enkele manier in de weg moet zitten. Alleen ChristenUnie en PvdA bleken van mening dat er meer belangen zijn dan alleen die van de ondernemers, bijvoorbeeld die van de bewoners van de binnenstad. Ondanks die nuancering vond een meerderheid van de commissie dat de belangen van de ondernemers leidend zijn.

Hetzelfde gebeurde bij de discussie over de winterterrassen. Ook hier voerde het belang van ondernemerschap de boventoon, waardoor winterterrassen – zelfs als complete voortenten – overal en onder alle omstandigheden toegestaan worden. De belangen en de goede inbreng van de binnenstadbewoners werden daarmee spijtig genoeg volledig terzijde geschoven. Uiteindelijk kon ik van de wethouder slechts de toezegging krijgen dat over de definitieve invulling van de winterterrassen nog met de bewoners gesproken zal worden.

Als zelfs de SP volledige ruimte en vrijheid geeft aan de ondernemers en op ChristenUnie en PvdA na niemand kijkt naar andere belangen zoals die van bewoners en gemeente zelf, dan zie ik op tegen de verdere discussie over het beeldkwaliteitsplan van de Oude Markt. Per slot van rekening is en blijft adequate regelgeving nodig. Niet om te betuttelen, maar wel om de goeden te ondersteunen en de kwaden aan te pakken, in het algemeen belang van de stad en onze mooie Oude Markt.

Vraagtekens bij wijziging voorrangsregeling oversteek Boulevard

Recentelijk is de voorrangssituatie voor fietsers en voetgangers bij de oversteek van de Boulevard voor het Casino gewijzigd. Fietsers en voetgangers moeten op deze veelgebruikte aanloop- en fietsroute naar de binnenstad nu voorrang verlenen aan het auto- en busverkeer. Dit heeft de afgelopen week tot verscheidene reacties geleid van mensen die vinden dat de situatie ter plekke onveiliger is geworden. Reden voor mij om er op dinsdag 5 maart in de stadsdeelcommissie Centrum vragen over te stellen. Ik heb gevraagd naar de reden van deze wijziging, of er voldoende contact over is geweest met belanghebbenden en in hoeverre die past in de ambitie van fiets- en voetgangersvriendelijkheid die de gemeenteraad heeft voor dit gebied.

De antwoorden van wethouder Marijke van Hees waren eerlijk en duidelijk. Reden van de wijziging is vanuit verkeerskundig oogpunt dat door de werkzaamheden op de Beltstraat het autoverkeer drastisch is afgenomen en de voorrangssituatie nu gewijzigd kon worden. Bovendien gebeurde dit op verzoek van busmaatschappij Connexxion die er prijs op stelde dat busverkeer voorrang zou krijgen boven fietsers en voetgangers.

Desondanks, zo gaf ook de wethouder toe, is het daarmee nog niet logisch om de voorrangssituatie te wijzigen. Verminderd autoverkeer hoeft namelijk niet automatisch te leiden tot voorrang van auto’s. Sterker nog, veiligheid van voetgangers en fietsers is ook een belangrijk punt. Die blijken zich echter niet bewust van de gewijzigde situatie. Er hebben zich al gevaarlijke situaties voorgedaan en zelfs het waarschuwingsbord is niet duidelijk weergegeven. Bovendien zal straks, wanneer het vernieuwde ziekenhuis opengaat, waarschijnlijk het hele gebied weer autoluw en voetgangersvriendelijk gemaakt worden. Alle reden dus om de beslissing te heroverwegen en in ieder geval op korte termijn maatregelen te nemen ter verduidelijking van de verkeerssituatie. Het onderwerp wordt in de eerstvolgende vergadering van het college van B&W besproken.

Ik ben blij met de doortastende aanpak en het serieus nemen van de geluiden vanuit politiek en bewoners. Ik hoop dat spoedig, op een verantwoorde manier, de voorrangssituatie weer kan worden hersteld, zodat die past bij het verkeersbeleid van de gemeenteraad en de toekomstplannen van het gebied rond het ziekenhuis.

Verwarrende berichten over bezuinigingen zorg voor gemeente

Miljoenenkortingen voor Enschede. Overheidsbezuinigingen die ingrijpende gevolgen hebben voor onze stad. 12 Miljoen euro minder voor huishoudelijke hulpen en ruim 15 miljoen euro minder voor AWBZ-voorzieningen en de Jeugdzorg. En dan wordt ook nog gekort op het budget voor participatie. Zo schrijft dagblad Tubantia vandaag op de voorpagina en zo staat het uitgebreid beschreven in de brief die de gemeenteraad deze week heeft ontvangen. We hoeven er inderdaad niet om heen te draaien: dergelijke bezuinigingen zullen heftig en pijnlijk zijn. Ik begrijp dat in tijden van grote economische krimp en financiële achteruitgang ook de zorguitgaven mee moeten krimpen, omdat de vraag naar zorg ieder jaar zo hard stijgt dat jaarlijks een paar miljard bij moet worden geplust. Dat houden we natuurlijk niet eeuwig vol, dus moet er wel iets gebeuren.

De PvdA heeft in haar landelijk verkiezingsprogramma geschreven dat de gemeenten geheel verantwoordelijk zullen worden voor langdurige zorg en ondersteuning, gecombineerd met een uitbreiding van het aantal wijkverpleegkundigen, dat een coördinerende rol krijgt in de zorg dicht bij mensen. Gemeenten mogen vervolgens zelf bepalen hoe ze dit organiseren en hoe zorg kan worden aangepast aan de lokale situatie en behoefte. Eerlijk is eerlijk, ook in het verkiezingsprogramma van de PvdA wordt gekort: bij de persoonlijke verzorging 10% en bij de begeleiding 20%. Daarnaast betekent het scheiden van wonen en zorg dat in de toekomst meer mensen gebruik moeten maken van zorg in hun eigen (aanleun)woning, in plaats van een automatisch recht op een all inclusive verzorgings- of verpleeghuisplek. Ik vind daar iets voor te zeggen.

Waar is het dan toch bij misgegaan tijdens de formatie van het kabinet? Waar komt de afschaffing van de huishoudelijke hulp vandaan, zoals VVD, ChristenUnie en D66 in hun landelijke verkiezingsprogramma hebben staan, en vooral: hoe wordt dit straks daadwerkelijk opgepakt? Als er, zoals in het regeerakkoord staat, nog wel compensatie blijft voor mensen met een minimum inkomen, dan blijft 80% van de Enschedese ouderen er nog gewoon voor in aanmerking komen. Hetzelfde geldt voor de persoonlijke verzorging en begeleiding die, juist door door het combineren van werkzaamheden, best goedkoper uitgevoerd zou kunnen worden – niet qua salariskosten voor de medewerkers in de zorg, maar wel qua overhead, administratie en vastgoed van de huidige organisaties.

Ik snap daarom niet goed waar de bedragen in de krant en de brief precies vandaan komen. In het meegezonden spoorboekje staat nota bene dat pas in maart (en misschien nog wel later) de precieze plannen en uitwerkingen bekend worden gemaakt. Of weet het College meer dan wij? In ieder geval lijkt het mij verstandig om snel de juiste bedragen boven tafel te hebben en vooral goed te bedenken wat wij als gemeente belangrijk vinden voor de zorg. Want 15 miljoen euro minder voor zorg betekent dat er nog steeds 45 miljoen euro over blijft voor zorg in de gemeente. Geld dat niet meer door zorgkantoor Menzis rechtstreeks aan instellingen wordt overgeboekt, maar waar de gemeente opnieuw de verdeling voor mag en moet gaan bepalen. Een miljoenenbedrag waar veel zorg mee geleverd kan worden, mantelzorgers ondersteund en cliënten geholpen kunnen worden.

Volgens mij is dit de politieke discussie die wij dit jaar moeten gaan voeren met elkaar. Met elkaar, maar zeker ook met zorgorganisaties, medewerkers en cliënten. Intussen hopen we dat het kabinet zich ook bewust wordt van de gevolgen en de voorgenomen bezuinigingen in maart in ieder geval iets weet te verzachten.

Het Nieuwe Winkelen biedt nieuwe kansen voor de binnenstad

Er is al een tijd sprake van teruglopend winkelbezoek aan de binnenstad van Enschede. Op zich is dat niet uniek voor onze stad. want in heel Nederland neemt het winkelbezoek aan binnensteden af. Gevolgen zijn legere straten en gesloten winkelpanden, wat leidt tot een minder fraai beeld van het centrum. De landelijke trend wordt met name veroorzaakt door de opkomst van internet en het thuiswinkelen, waardoor klanten niet meer per se naar de winkel hoeven en thuis kunnen shoppen.

Dat geldt ook voor mij. Sinds een aantal jaren koop ook ik mijn schoenen, broeken en overhemden via verschillende webshops op internet. Met een lengte van 1,97 meter is het reguliere aanbod in de winkel zeer beperkt, maar dankzij het grote aanbod op internet blijkt er toch een ruime keuze te zijn. Ik kom daardoor vooral in de Enschedese binnenstad voor de gemeenteraad en voor horeca bezoek, nauwelijks meer voor het winkelaanbod.

Nu kun je proberen om winkelen in het stadscentrum aantrekkelijker te maken. Ook in de stadsdeelcommissie Centrum wordt daar regelmatig over gesproken. Extra kinderopvang, verbeteren van het gevelaanzicht en acties met parkeertarieven. Op zichzelf aardige initiatieven, maar volgens mij is dat niet genoeg en vertraag je hooguit de teruggang in het winkelbezoek een beetje. Uiteindelijk blijft het vooral een distributieprobleem en daar zou je wat aan moeten doen.

Daarom ben ik enthousiast over het concept van Het Nieuwe Winkelen. Dit nieuwe winkelen is deze maand van start gegaan tijdens de jaarvergadering van Winkelhart, de vereniging van de binnenstadsondernemers. Concreet doel is om binnen een jaar te bereiken dat alle binnenstadsondernemers vanuit het ‘digitale warenhuis binnenstad’ samen jagen op de consument in plaats van zoals nu individueel. Daarbij worden de digitale mogelijkheden volledig benut. Een goed initiatief, dat terecht (financiële) ondersteuning krijgt vanuit de gemeente.

Op dit moment is de gemeente Veenendaal landelijk koploper op het gebied van het nieuwe winkelen. Zelf mocht ik daar een kijkje nemen. Ik werd enthousiast door de vele praktische mogelijkheden die er zijn, zoals direct online zien welke voorraad er is en wanneer een bepaalde maat niet voorradig is, deze binnen een dag toch op kunnen halen. Net zo snel dus als een gemiddelde webwinkel – en je hoeft niet de hele dag thuis te wachten op een pakketje, maar kunt dit ‘gewoon’ ophalen in de winkel of zelfs even passen. Als zelfs dat niet schikt qua werktijd, dan wordt het pakketje in een kluisje gestopt in de parkeergarage waaruit je het zelf op kunt halen. Desnoods midden in de nacht. Dit zijn slechts enkele voorbeelden.

Het zijn mogelijkheden en ontwikkelingen waar ik, en met mij vele consumenten, vrolijk van word en waar Enschede nu ook flinke stappen in gaat zetten. Hopelijk kunnen de best practices uit Veenendaal direct overgenomen worden in Enschede, of zelfs vernieuwd en nog praktischer gemaakt. Op die manier kan de binnenstad voor mij dan weer een mooie drie-eenheid worden van politiek, horeca èn winkelen.

Antwoorden wethouder roepen vragen op over bezuinigingsplannen zorginstellingen

Vorige week schreef ik in deze Nieuwsbrief over de hartenkreet van wethouder Patrick Welman die donkere wolken schetste voor de zorg en de huishoudelijke hulp in Enschede. De wethouder van Werk en Inkomen had in de krant laten optekenen dat driekwart van de huishoudelijke hulp zal verdwijnen en veel mensen hun baan per 1 januari 2014 kwijt zullen raken. Opmerkelijke uitspraken, die bovendien anders zijn dan de officiële mededelingen die het College enkele dagen daarvoor aan de gemeenteraad had gestuurd. Voor mij was het aanleiding in het vragenuurtje van de gemeenteraad op maandag 17 december aan de wethouder te vragen waarop hij zijn uitspraken baseerde en wat nu precies de visie van het College is op de toekomst van de huishoudelijke hulp in Enschede. Werkers en cliënten in de zorg zijn meer dan ooit gebaat bij duidelijkheid. Read the rest of this entry »

Werkers en cliënten in zorg niet gebaat bij donkere wolken, wel bij duidelijkheid

Sinds de presentatie van het regeerakkoord van VVD en PvdA is het onrustig in de zorg. Terecht dat het College, bij monde van zorgwethouder Ed Wallinga, eind november aan de bel trok met de waarschuwing dat de voorgenomen bezuinigingen dramatisch zijn voor Enschede. Terecht ook dat Enschede samen met 32 andere grote gemeenten pleit voor heroverweging van de bezuinigingen.

In dagblad Tubantia schetste wethouder Patrick Welman op donderdag 13 december donkere wolken voor de toekomst van de thuiszorg. De gigantische bezuinigingen op huishoudelijke zorg, begeleiding en persoonlijke verzorging en op het budget voor tegemoetkomingen voor chronisch zieken en gehandicapten zullen leiden tot dramatische gevolgen: duizenden mensen, vaak (al dan niet alleenstaande) moeders, die hun werk verliezen en mensen die voor hulp en verzorging moeten aankloppen bij familie, vrienden of buren. De wethouder stelt dat hulpbehoevende mensen die nu nog recht hebben op huishoudelijke hulp straks driekwart zelf moeten betalen. Bovendien zouden de medewerkers op 1 januari 2014 hun baan kwijtraken. Read the rest of this entry »